![]() |
||
| Home | VGV | Projecten | Nieuwsbrief | Donaties | Anneke's Stekje | Archief | Gastenboek | Privacy | Contact | ||
| ||
Anneke's StekjeKoenietsjaYes madam! herhaalt de receptioniste van het hotel en verbreekt vervolgens de telefoonverbinding. Ik bel haar terug en probeer nog een keer uit te leggen waarom ik bel. Ik heb vlooien op mijn kamer en wil graag dat iemand schoon komt maken. De vrouw aan de andere kant van de lijn spreekt gebrekkig Engels, dus spreek ik ook gebrekkig Engels, in de hoop dat ze mij begrijpt. Helaas komt ze niet veel verder dan een yes madam en het neerleggen van de telefoon. Dan maar eens kijken of ik iemand kan vinden die Engels spreekt. De ober komt er niet uit en roept zijn collega's erbij. Inmiddels zijn we al met z'n zessen. De barman moet komen, die spreekt het beste Engels. Maar ook hij heeft nog nooit van het woord 'flea' gehoord. Hele kleine, springende beestjes, die je gemeen kunnen bijten, ik probeer het met gebarentaal uit te leggen. Ha! muskieten! Nee. O, van die beestjes die snel over de muur lopen, kakkerlakken! Nee. Vliegen! Iedereen doet een duit in het zakje. Het wordt een hele vergadering. Dan opeens heeft iemand het door: koenietsja! Dat moet het zijn, echt een woord dat bij een vlo past. En gezien de gezichtsuitdrukking van iedereen lijkt het me dat we hier de koenietsja te lijf moeten gaan. Geen probleem, daar weet iedereen wel iets op. Als eerste moet het raam open. Helpt dat? Jazeker. Als ze mijn twijfel zien, is er nog wel een ander goed advies: een luchtverfrisser. Ik heb die spuitbussen wel eens gezien, maar nooit vermoed dat vlooien daar niet tegen kunnen. Zelf dacht ik toch meer aan schoonmaken en de dekens uitkloppen. Geen probleem, ook dat kan geregeld worden. Dan waag ik nog een gokje: heeft het hotel misschien een stofzuiger? Er wordt druk overlegd, maar niemand heeft er ooit één gezien. Een half uur later zijn twee schoonmaaksters met mijn koenietsjakamer in de weer. Ik krijg nieuwe lakens en met een rieten vegertje wordt de vloerbedekking schoongemaakt. Het raam staat wijd open en ik hoop maar dat de koenietsja die hint begrijpen. Ik ben nog steeds verbaasd over de minimale middelen die schoonmaaksters hebben om hun werk uit te voeren. Dit hotel heeft ruim 60 kamers en ziet er qua inrichting redelijk goed uit. Maar er wordt geen geld besteed aan apparaten die aan de ene kant de kwaliteit van het schoonmaken zouden kunnen verbeteren en aan de andere kant de arbeidsomstandigheden. Alles gebeurt met de hand, ook de was. De t.v. heeft zijn intrede gedaan en er is ook een computer, maar een stofzuiger kan er niet van af. Misschien komt het omdat schoonmaakwerk vrouwenwerk is en deze vrouwen onder aan de maatschappelijke ladder staan. Bovendien is het in het hele land zo dat vrouwen alles met de hand doen en geen hulpmiddelen hebben wat hun werk makkelijker zou maken. Het meest opmerkelijke daarin zijn de vrouwen die enorme takkenbossen van wel 40 kilo op hun rug vervoeren. Ze lopen er dagelijks uren mee, om uiteindelijk dit hout voor een paar centen als brandhout te verkopen. De oudere vrouwen zijn door dit werk al volledig krom gegroeid. Als al die vrouwen een ezel hadden, zou hun leven er heel wat florisanter uitzien! Als ik denk aan de levensomstandigheden van deze brandhoutverkoopsters, vind ik mijn koenietsja opeens erg onbelangrijk. Ik heb me al met hun verzoend als plotseling de ober met een stralende glimlach voor de deur staat. Hij heeft iets bij zich dat lijkt op een stofzuiger! Het is een klein ding, iets groter dan een haarföhn, maar we gaan het proberen. Er zit geen stekker aan, maar de draadjes gaan ook zo wel in het stopkontakt. Een enorme stofwolk die vervolgens uit de stofzak komt doet vermoeden dat de stofzuiger lang niet gebruikt is. De ober maakt er gedegen werk van en ik realiseer me pas later dat hij als man een geëmancipeerde daad heeft verricht door de stofzuiger ter hand te nemen. Moge de koenietsja daar ook van onder de indruk zijn en zich koest houden. Addis Ababa, 6 september 2004 |
||
| Copyright © 2000-2008 Stichting Meskerem |